Staan en liggen

Het contrast tussen de verticale en horizontale mens is sinds enige tijd een thema in mijn werk. De bestemming van de mens is rechtop te staan, dynamisch, ingeschakeld. De liggende mens is er even niet, hij is aan het uitrusten om weer recht te kunnen staan, hij of zij is, uit vrije wil, of tegen hun zin, uitgeschakeld.

Ik zag Erik van Muiswinkel op tv als G. de Vader, docent normen en waarden, met lange baard en aanwijsstok ( maar jammer genoeg niet met de penetrante stem van Willem Oltmans zoals een vorige keer toen hij als God de mensheid toesprak ). Hij ontraadde zijn studenten, nu ze hem als Schepper aan de kant hadden gezet, om op eigen houtje hun vermeende lichamelijke onvolkomenheden te laten verbouwen ten einde gelukkig te worden. Er drongen zich beelden op uit het hilarische docudrama van Arjan Ederveen over de Afrikaanse krijger met lipschijven die gevangen zat in het lichaam van een Groningse boer. Door een serie operaties bereikte de boer zijn diepgevoelde bestemming.

Maar de werkelijkheid is ingewikkelder. Op Discovery Channel viel ik in een programma waarvan ik na een paar minuten kijken overtuigd was dat het om een parodie ging, maar alles bleek bloedserieus. Een sympathieke maar aangeslagen man vertelde een arts dat hij als kind reeds wist dat hij overcompleet was. Zelfs na jarenlange therapie was het enige waar hij hevig naar verlangde de amputatie van zijn (gezonde) rechteronderbeen. Alleen zonder dat lichaamsdeel zou hij zich compleet voelen. En hij was de enige niet. Een gedreven sprekende jonge vrouw argumenteerde dat zij zich alleen volledig mens zou kunnen voelen als de helft er af ging. Ze had al flink geoefend met de rolstoel! Ze barstte in snikken uit toen een arts haar mededeelde dat er geen chirurg te vinden was die bereid was haar beide benen af te zetten. Verbijsterd zette ik het toestel uit.

Mijn geschilderde samenvatting van de mensheid in staan en liggen leek nu net zo onvolledig als deze niet geamputeerde vrouw.